Interpretatie van de Yoga-Sutras van Patanjali

Inleiding

Dit is een interpretatie van de Yoga Sutras van Patanjali. Het is geen vertaling, daar ik mijzelf niet de kennis en kwaliteiten toedicht, die mijn inziens nodig zijn om de kennis in deze sutras te onthullen. Naast dat ik geen Sanskriet ken, ben ik bij lange na geen yogi, die uit ervaring begrijpt, waar het over gaat.

Ik heb de afgelopen maanden de Ethica van Spinoza gelezen en de overeenkomst en verschillen kunnen haast niet groter zijn. De twee grootste overeenkomsten zijn de opzet en het onderliggende Godsbeeld. Het grootste verschil is echter de openheid van zaken. Daar waar Spinoza alle moeite doet om zijn ideeën tot in de kleine details te onthullen, daar gebeurt dat niet in de Yoga Sutras. Het is een heel andere tekst, dan ik normaal gesproken gewend ben te lezen. In de Europese filosofie, kunsten en wetenschap is men van het feit doordrongen van de waarheid zelf niet gekend kan worden. Alles is een standpunt en er is een groei in standpunt door de eeuwen heen. Zoals Newton het verwoordde, 'de reden dat ik zo ver heb kunnen kijken, komt doordat ik op de schouders van reuzen stond'. Zelfs al geloven sommige filosofen, kunstenaars en wetenschappers er persoonlijk niet in, de samenleving als geheel wel en daarmee gebeurt het.

Deze tekst komt niet uit onze traditie. En dat is te merken. Het is geen filosofie, want er is geen streven naar wijsheid. De tekst bevat wijsheid. Hoe mooi het Sanskriet ook moge zijn, het is geen kunst, want de tekst bevat enkel wijsheid. En het is geen wetenschap, want deze tekst is niet falsifieerbaar. Feitelijk bevat deze tekst een opsomming hoe te komen tot beleving van de ultieme werkelijkheid. Alle sluiers die deze ultieme beleving verhinderen worden beschreven en er wordt aangegeven hoe deze te overkomen. Het zou kunnen dat Openbaringen een vergelijkbare tekst is, maar het merendeel van teksten in Europa zijn niet zo. Als het boek van Openbaringen vergelijkbaar is met de tekst van Patanjali, dan heeft het zeker niet dezelfde erkenning gekregen als deze tekst.

Het is geen kennisstuk, zoals dat van Spinoza, want het is niet inzichtelijk voor hen die niet de ervaringen hebben, waardoor het begrepen kan worden. Je kan de hele tekst uit je hoofd leren, bij elke gelegenheid aanhalen, in veel gebeurtenissen associaties met een van de sutras leggen, en nog kan je aan de buitenkant van de tekst staan. Ik had tijdens mijn tocht langs de aforismes steeds meer het gevoel dat ik in een spiegel aan het kijken was. Ja, ik begon met de idee dat ik het ging vertalen, maar al gauw bemerkte ik, dat dat niet mogelijk was. Bij veel sutras heb ik echt lopen worstelen om te pakken te krijgen waar het over ging. Deels door het grote verschil in taal en cultuur, deels door mijn gebrek aan kennis om überhaupt te weten waarover gesproken werd. De reden dat ik toch doorgezet heb, is dat ik deze tekst wilde lezen. Dat was ook al de reden om er sowieso aan te beginnen.
Ik doe Kriya yoga, was het boek van Iyengar aan het lezen en was de naam van Patanjali al een aantal keren tegengekomen. Ik ben nieuwsgierig waar deze tekst over gaat en daar waar ik dagelijks mee bezig ben, baseert zich daarop. Hoezo ik niet lezen? Kan dat dan?
Deze tekst zou ik niet op dezelfde manier kunnen bespreken als een tekst uit het Westen. Yogis volgen deze tekst al bijna 2500 jaren. Het is de basistekst van yoga. Iyengar, die zichzelf als een revolutionair beschouwt die aansluit bij de traditie, schrijft het boek 'Light on Life' en dat is feitelijk een uitleg van de tekst van Patanjali. Hij schrijft over zijn levensvisie aan de hand van dit document. De indelingen, die hij gebruikt komen stuk voor stuk uit deze tekst.
Afgelopen zomer heb ik een aantal lezingen van Prajnanananda bijgewoond en met aandacht geluisterd waarover hij het had. Hij besprak een aantal lijstjes met termen, waarvan ik mij afvroeg, waar hij die vandaan had. Nu weet ik het. Uit deze tekst. Eén tekst, zoveel jaren geleden, en nog altijd wordt deze zo veel gebruikt. Het toont in ieder geval de kwaliteit van de tekst aan en laat mij zien, dat ik na een keer lezen van deze tekst niet in staat zal zijn om er enige uitspraak over te doen. Ik kan er wel mijn gedachtes over hebben, maar belangrijker is dat ik er eerst nog maar een tijdje naar luister.

De reden dat ik bijna gestopt ben met lezen en interpreteren, is de idee van de spiegel. Dat vind ik een kloppend beeld om deze tekst te interpreteren. Het is een oude vorm van denken, die ook opgang doet in de astrologie, de tarot en feitelijk zelfs ook in de filosofie. Elke keer dat een mens opnieuw met de kennis in aanraking komt, moet hij net zoals alle mensen die hem voorafgegaan zijn, weer opnieuw toeëigenen. Dezelfde fases doorlopen, dezelfde worstelingen doorstaan, tot vergelijkbare onthullingen komen. De kennis is voor iedereen wezenlijk hetzelfde, maar iedereen zal deze via de eigen weg duiden. Ik kan mij voorstellen dat mensen afhaken bij het lezen van dit stuk. Het is voor mijzelf niet makkelijk geweest, terwijl ik een motivatie had om mijzelf door de brij heen te werken. Een deel van de charme bestaat er voor mij uit dat ik een tekst onder ogen heb, waar informatie in te lezen staat, waar mensen zich al een paar duizend jaar mee bezig houden, en dat voor mij totaal ontoegankelijk is. Op redelijk wat plaatsen haakte ik af, terwijl ik op sommige momenten herkenning had en opeens uit eigen ervaring begreep waar het over ging. Op veel momenten begreep ik door de interpretaties van anderen waar het over ging en kon ik mijn eigen ideeën vormen. Een spiegel is er nooit alleen voor jezelf.
In mijn blog over de ontwikkeling, die ik had in mijn denken over waarheid, had ik het erover dat het mooi zou zijn als in het onderwijs kinderen ook een tekst zouden krijgen waaraan ze hun eigen ontwikkeling zouden kunnen spiegelen. Dit is zo'n tekst en dit is wat yogis er al 2500 jaren mee doen. Deze tekst gaat over de verhouding van de yogi naar de werkelijkheid en zichzelf. Dat is wat elk mens elke keer opnieuw moet ontdekken. Dat kan niet geleerd worden door te vertellen.
Dat vind ik het geniale aan deze tekst. Als deze tekst uitgelegd wordt, dan komt ze binnen zoals de toehoorder luistert. Een tekst als deze kan enkel begrepen worden vanuit de manier waarop jezelf bent. Daardoor werkt deze tekst als een spiegel hoe je bent. De kwaliteit van de tekst blijkt uit het feit dat zovelen, die zich in hun leven overgaven aan deze bespiegeling dat deden aan de hand van deze tekst. Om hetzelfde te kunnen doen, zou ik de tekst in het Sanskriet moeten kunnen lezen. Dat gaat niet en dat doe ik niet. Voordat ik Sanskriet geleerd heb, zou ik al een aantal jaren verder zijn en ik wilde het nu lezen. Waarom dan nu? Omdat ik er dagelijks mee bezig ben. Omdat ik ik ben en ik vanuit de achtergrondstructuur wil begrijpen, waar ik mee bezig ben. Het is mijn manier van leren.

Ik had gedacht ergens een versie van Patanjali te lezen te krijgen en het dan te begrijpen. Misschien naïef, maar ik dacht dat dat kon. Dat blijkt niet zo te zijn. Elke interpretatie is weer anders en vaak worden woorden zelfs heel anders vertaald. De verschillen waren voor mij onbegrijpelijk groot. Op veel punten komt men overeen, maar er zijn even zovele punten, waarop de interpretatie ander is. Dat maakte het ook noodzakelijk om een eigen interpretatie te maken. Het kan niet anders.

Een willekeurig voorbeeld is sutra IV.33. Dat is de voorlaatste en omdat ik dit schrijf nadat ik de tekst afgerond heb, staat deze bij de verschillende documenten in beeld. Dat is de reden voor selectie, er zijn sutras waar de interpretatieverschillen veel groter zijn, er zijn er waar de verschillen veel kleiner zijn. De sutra zelf luidt:
kṣaṇa-pratiyogī pariṇāma-aparānta nirgrāhyaḥ kramaḥ,
wat ik als Nederlandse vertaling als basis voor mijn interpretatie ervan begreep is: (ogenblik/moment,samenhangend) (transformatie/effect, einde/dood)(waarneembaar/inzichtelijk) (volgorde/stroom) Wat ik er zelf van gemaakt heb: Als vervolgens de transformatie eindigt, wordt waarneembaar dat de afzonderlijke momenten samengaan in een continue stroom
Wat anderen ervan gemaakt hebben:

  • Sequence (krámaḥ) is correlated (pratiyogī) to the moments (kṣaṇa) (and) is perceivable or noticeable (nirgrāhyaḥ) on the termination (aparānta) of the mutations (pariṇāma)
  • The experience of a sequencing process of moments and changes comes to an end, thus making change (krama) a real experience.
  • De orde der dingen wordt volkomen duidelijk als men zich niet langer verzet tegen de ononderbroken opeenvolging van momenten, niet tegen de gang der tijd ingaat (zie ook III-30).
  • The process, of which moments are a counterpart, and which causes the alterations, comes to an end and is clearly perceived.
  • One can see that the flow is actually a series of discrete events, each corresponding to the merest instant of time, in which one form becomes another.

Dat bedoel ik met de bewering dat deze tekst werkt als een spiegel. :-)
Even nog een opmerking over de interpretatie. Ik gebruik het woord moeten en bedoel daar de sankaras mee. Die worden soms vertaald als neigingen, latente indrukken of indrukken uit het verleden of vorige levens, die het leven nu nog beïnvloeden. Zelf kwam ik op de woorden 'waarnemingsgeleiders' en sporen om daarmee uit te drukken hoe deze sankaras onze ervaring van de wereld vormen voordat wij deze waarnemen. Deze twee betekenissen komen samen in het woord moeten, dat zowel een spoor betekent als het verplicht zijn om te doen. De cursivering is gebruikt om te laten zien dat het hier niet over het werkwoord moeten gaat.
Dit is een stuk, dat eigenlijk nooit klaar is. Sutra II.27 bijvoorbeeld stelt mij voor raadselen. Dit valt voor mij opeens uit de lucht. Welke 7 grenzen? Inmiddels heb ik deze zeven grenzen achterhaald en ze zijn:

  • het observeren van opkomende gedachten,
  • het vermogen deze in de kiem te smoren,
  • de kalme en rustige toestand als resultaat van het smoren,
  • eenpuntige concentratie,
  • de beheersing en kracht van het bewustzijn verder ontwikkelen,
  • waarnemen zonder enige interpretatie – dat is je laten overstromen door indrukken zonder er iets mee te doen en ga je voorbij het mens-zijn, en
  • bevrijding, het individuele bewustzijn gaat op in het geheel.

Geen grenzen derhalve, maar stadia. Toch pas ik mijn huidige interpretatie niet aan. Dat komt hopelijk later.
De interpretaties, waar ik mij op gebaseerd heb, zijn:
Interpretatie, die mij liet zien hoe verschillend interpretaties kunnen zijn en zelf eveneens links naar andere interpretaties aanbood
Interpretatie, die mij het meest theoretisch verantwoord leek en liet ervaren dat er veel meer staat, dan wat er staat
Interpretatie, die in lay-out het meest overzichtelijk en behulpzaam was
Interpretatie, waar ik mijn zienswijze het beste in kon herkennen en op wiens interpretatie ik het meeste voortbouwde
Interpretatie met sterke nadruk op energieën, vertaalde woorden soms totaal anders dan anderen.

Hoofdstuk I: concentratie

  1. Nu volgt een verhandeling over yoga
  2. Yoga is het leren beheersen van het gedrag van het bewustzijn
  3. Dan is de aanschouwer in de eigen vorm gesitueerd
  4. Anders identificeert men zichzelf met de actuele staat van het bewustzijn
  5. Er zijn vijf patronen en zij zijn kwaad- dan wel goedaardig
  6. Deze vijf zijn:
    1. juiste waarneming,
    2. foutieve waarneming,
    3. beelden,
    4. slaap, en
    5. herinnering
  7. Juiste waarneming baseert zich op concrete ervaringen, het maken van correcte gevolgtrekkingen of op getuigenissen
  8. Valse waarneming is foutieve kennis die gebaseerd is op zaken, die in die vorm niet bestaan
  9. Verbeelding baseert zich op doorgegeven kennis gevolgd door een lege realiteit
  10. Slaap is de bewustzijnsstaat, die gebaseerd is op de mentale staat van niet-bestaan
  11. Herinnering is het vasthouden aan eerdere ervaringen van objecten
  12. Zowel oefening als gelijkmoedigheid is nodig om de bewustzijnsstaten te kunnen stopzetten
  13. Oefening is de constante onderneming om de bewustzijnsstaten stop te zetten
  14. Om te komen tot een vaardige oefening is het nodig gedurende lange tijd ononderbroken bezig te zijn
  15. Gelijkmoedigheid verkrijgt men door het begrijpen te onderwerpen aan het zonder verlangen (=zonder dorst) alle dingen, ongeacht of men die gezien dan wel geleerd heeft, te aanschouwen
  16. De uiterste vorm van gelijkmoedigheid ontstaat als vanuit de ervaring van het ware zelf de natuur zonder verlangen aanschouwd wordt
  17. Tijdens het pad tot het verkrijgen van het meesterschap over het begrijpen wordt men begeleid door het deze vier vormen van kennen: redeneren, reflectie, gelukzaligheid en zelfbewustzijn
  18. Het andere ontstaat als na het ophouden met juiste waarneming en oefening enkel nog de ongemanifesteerde moeten resteren
  19. Bij het samengaan van de scheppende kracht en het lichaamloze zijn bevindt zich de oorsprong van de juiste waarneming, wat inhoudt dat je in je waarneming niets gebruikt om je aan vast te grijpen en dat ook standvastig niet doet
  20. Voor anderen is geloof, energie, herinnering, integratie en inschattingsvermogen het pad naar zelfrealisatie
  21. Voor hen, die realisatie met toewijding nastreven, is realisatie nabij
  22. Hoe dichtbij is eveneens verschillend door de mate van praktijk. Is zij matig, gemiddeld of intens
  23. Realisatie kan ook plaatsvinden via overgave aan een ideaal gedacht wezen
  24. Een ideaal gedacht wezen draagt geen oorzaak van lijden in zich, voert handelingen uit zonder oorzaak of gevolg, draagt geen vrucht als gevolg van eerdere handelingen noch heeft het enig moeten. Het maakt onderscheid vanuit het ware zelf
  25. In dit onovertroffen wezen zetelt de bron van alle kennis
  26. Dit werd ook door vroegere guru's onderwezen als ongebonden aan de tijd
  27. Ohm is het symbool voor het ideaal gedachte wezen
  28. Door ohm met overgave te herhalen onthult het zijn betekenis
  29. Daarmee verkrijgt men een naar binnen gericht bewustzijn en verdwijnen blokkades
  30. Door de obstakels ziekte, apathie, zorgeloze luiheid, sensualiteit en fanatisme kan men geen perspectief ontwikkelen, stagneert de ontwikkeling en wordt het bewustzijn onrustiger
  31. Spanning, depressie, nervositeit en onregelmatige ademhaling zijn de symptomen van deze onrust
  32. Deze te boven te komen is het ene principe van de oefening
  33. Als men vriendelijkheid, medeleven, vrolijkheid en gelijkmoedigheid uitstraalt gedurende ervaringen, ongeacht of deze blijheid of stress oproepen dan wel deugdzaam of zondig zijn, kalmeert dat het bewustzijn
  34. Of wanneer men pauzeert na een in- of uitademing
  35. Of als men een standvastige geest houdt, terwijl men een indruk van een object of een overweging overdenkt
  36. Of wanneer men mediteert op het innerlijke licht, dat zelf zonder lijden is
  37. Of wanneer men zich richt op zaken, waartoe men zich niet toe geroepen voelt zichzelf mee te verbinden
  38. Of wanneer men zich grondt op kennis verkregen uit slaap of dromen
  39. Of door meditatie hoe liefde is
  40. Kan men zich vanaf het kleinste tot het grootste meesterschap verwerven
  41. Als patronen verminderen kan men transparant worden als een juweel. Waarnemer, waarneming en waargenomene, zullen elkaar aanvaarden, in elkaar opgaan en samenkomen in één
  42. Als de vermenging tussen betekenis, kennis en symbool daar is, dan heeft men de staat van meditatie bereikt, waarin gedachten samenvloeien
  43. Als de herinneringen gezuiverd zijn, de eigen identiteit helder is en het onderwerp enkel straalt, dan is een meditatieve staat voorbij aan de gedachtes bereikt
  44. Op dezelfde wijze kan de reflectie en non-reflectie van subtielere fenomenen verklaard worden
  45. Het zijn van een subtiel object wordt begrensd door het vormloze
  46. Deze vormen van eenheid bevatten aanzetten voor nieuwe indrukken
  47. Als de staat van niet-reflectie gewoon wordt, komt het diepste innerlijk tot rust
  48. De waarheid onthult zich in die helderheid
  49. Het heeft een specialere functie dan kennis verkregen door gevolgtrekkingen of referenties
  50. De moeten, die door deze helderheid verkregen worden, voorkomen het ontstaan van andere moeten
  51. Als dit laatste ook stopgezet kan worden, dan is er een eenheid zonder aanzet voor een nieuw begin bereikt.

Hoofdstuk II: het pad naar realisatie

  1. Kriya yoga onstaat door tijdens intense overgave aan een ideaal gedacht wezen het zelf te bestuderen
  2. Als het doel tijdens het proces tot eenheid geraken blijft, dan zal de oorzaak van het lijden verminderen en het doel bereikt worden
  3. De vijf oorzaken van lijden zijn:
    1. gebrek aan wijsheid,
    2. het tijdelijke ik als de basis van zichzelf te zien,
    3. verlangen,
    4. afkeer,
    5. vasthouden aan dit leven
  4. Vanuit het gebrek aan wijsheid kunnen de andere oorzaken ontkiemen. De eerste door slapend te zijn, de tweede door zichzelf te verzwakken, de derde door zichzelf los te scheuren, en de laatste door zichzelf op te wekken
  5. Gebrek aan wijsheid is zich richten op dat wat tijdelijk en onzuiver is en daarbij niet zichzelf en staat daarmee tegenover het kunnen zien van dat wat eeuwig is en vervuld van blijdschap in contact te zijn met de eigen essentie
  6. Als men zich identificeert met het waarnemend vermogen in plaats van het subject, dan leeft men vanuit het egoïstische ik-zijn
  7. Verlangen is het zich afhankelijk maken van plezier
  8. Afkeer is het willen vermijden van spanning
  9. Zelfbehoud is het vasthouden aan de eigen smaak, en kan zelfs de wijze volledig beheersen
  10. Deze neigingen moet men in de kiem smoren
  11. Het smoren van deze kiemen gebeurt door deze in de gedachtengolven tijdens meditatie te aanschouwen
  12. Deze oorzaken van het lijden zijn de voedingsbodem voor de zaden van handelen, die gezien dan wel ongezien geboorte geven aan de ervaringen
  13. Zolang de voedingsbodem bestaat zal zij vruchten (= ervaringen) voortbrengen op het gebied van sociale status, levensduur en levensgeluk
  14. Deze vruchten van heerlijk- en bitterheid veroorzaken het denken in goed en kwaad
  15. Kunnen onderscheiden betekent het verschil kunnen zien wanneer iets voortkomt uit bitterheid, oude patronen of stress ten opzichte van uitdrukkingen van actuele bewustzijnstoestanden wanneer deze spanning ontmoeten
  16. Het lijden kan in de toekomst voorkomen worden
  17. De te overwinnen oorzaak is de koppeling tussen waarnemer en waargenomene
  18. Het waargenomene kan bevrijd worden van de ervaring als in het licht van de handeling het zintuig vanuit zijn essentie werkzaam is
  19. Ongeacht of men kan onderscheiden of niet en of men eigenschappen toe kan kennen of niet, alles is een manifestatie van de natuur
  20. Het waarnemen zelf kan door de waarnemer ook in haar puurheid aanschouwd worden
  21. Het doel is aldus om het waargenomene zichzelf te laten zijn
  22. Als het andere een algemene ervaring is geworden, dan is het doel bereikt met betrekking tot het stopzetten en het niet-stopzetten
  23. De koppeling vindt haar oorzaak in het willen verkrijgen van een eigen vorm, omdat men macht over zichzelf wil hebben
  24. Dit zijn de oorzaken van het niet-weten
  25. Bevrijding vindt plaats als opgehouden wordt niet bestaande onderscheidingen te zien en opgehouden wordt dat wat niet bestaat te zien
  26. Het houdt in dat opgehouden wordt met het continu kijken in verschillen
  27. Deze wijsheid kent zeven grenzen
  28. Door de oefening van de yoga onderdelen vermindert de onzuiverheid en kan kennis uitstralen naar het zien in verschillen
  29. Het achtvoudige pad bestaat uit:
    1. externe discipline,
    2. interne discipline,
    3. het beoefenen van de asana's,
    4. het beoefenen van pranayama,
    5. het terugtrekken van de zintuigen,
    6. concentratie,
    7. meditatie, en
    8. ervaren van eenheid
  30. De vijf vormen van externe discipline zijn:
    1. geweldloosheid,
    2. eerlijkheid,
    3. niet stelen,
    4. gericht zijn op spirituele doelen, en
    5. niet hebzuchtig
  31. Deze vormen van discipline vereisen een grote betrokkenheid want ze keren terug op elk niveau en zijn onafhankelijk van omstandigheid, plaats, tijd of geboorte
  32. Interne discipline bestaat uit:
    1. verzorging,
    2. tevredenheid,
    3. doorzettingsvermogen,
    4. zelfonderzoek bij het ontwikkelen van gewaarzijn, en
    5. overgave
  33. Door vooronderstellingen terug te dringen kan het tegenovergestelde ontstaan
  34. Eindeloos zijn de vruchten van onwetendheid en lijden die ontstaan door plannen, gedachtes om lijden (bij anderen) te scheppen als deze voorafgegaan worden door hebzucht, woede en misleiding; ongeacht of dit mild, gematigd of intens gebeurt. Het is dus beter het tegenovergestelde te laten ontstaan
  35. In tegenwoordigheid van geweldloosheid zal vijandschap verdwijnen
  36. De vruchten van de actie rusten op de eerlijkheid waarin deze gegrond is
  37. Alles wat gegrond is op de houding van niet-stelen zal zich als juwelen materialiseren
  38. Door zich te richten op spirituele doelen verkrijgt men extra energie
  39. Inzichten rijpen doordat men niet hebzuchtig is
  40. De mate waarin men vrij is in contact met de ander is in overeenstemming met wijze waarop men zichzelf verzorgt
  41. Door verzorging van zintuigen ontstaat blijdschap. Hierdoor verkrijgt men meesterschap over het zelf, ontwikkelt men het juiste perspectief en aldus het vermogen tot het ervaren van helderheid en zuiverheid
  42. Met tevredenheid kan men onovertroffen vreugde verkrijgen
  43. Doorzettingsvermogen is het verminderen van onzuiverheid door te trachten het lichaam en haar zintuigen te perfectioneren
  44. Door naar binnen te keren krijgt men het verlangde contact met het goddelijke
  45. Wie zich over weet te geven aan een ideaal gedacht wezen bereikt perfectie in eenheid
  46. Door de yogahoudingen verkrijgt men stabiliteit en blijdschap
  47. Uiteindelijk vloeien inspanning en eindeloze ontspanning samen
  48. Daarmee komt men voorbij de woelingen van dualiteiten
  49. Ademhalingscontrole bestaat hieruit dat de stroom van in- en uitademingen onderbroken kan worden
  50. Het moet een standvastige levenswijze worden, die los staat van omstandigheden, plaats en tijd. Enkel dan kan men ervaren worden in een lange en subtiele in- en uitademing
  51. Met de vierde ademhalingstechniek overstijgt men de ervaring van de in- en uitademing
  52. Daarmee verdwijnt de sluier
  53. En is het bewustzijn geconcentreerd en vermogend geworden
  54. Het terugtrekken van de zintuigen houdt in dat het zelf zich als een onthecht object ziet, waarbij het eigen bewustzijn als een zintuig de eigen vorm navolgt
  55. Daarmee ontstaat de ultieme controle over de zintuigen.

Hoofdstuk III: De pracht onthuld

  1. Concentratie is het binden van bewustzijn aan een plaats
  2. Het is in de meditatie dat de gedachte een stroom wordt
  3. Als enkel waar men op gericht is stralend aanwezig is, waardoor het lijkt of de eigen vorm ontbreekt, is eenheid bereikt
  4. Perfecte praktijk is bereikt als deze drie een worden
  5. Meesterschap over deze praktijk geeft geniale inzichten van wijsheid
  6. Deze vooruitgang gaat in stappen
  7. Deze drie zijn de innerlijke onderdelen van voornoemde lijst (van acht)
  8. Alhoewel deze extern zijn vergeleken met de eenwording zonder voorwaardes
  9. In de transformatie van controle verkrijgen ontstaan nieuwe sporen door het verkrijgen van deze controle. Deze sporen voorkomen het ontstaan van nieuwe die van buiten komen, waardoor momenten van controle verbonden kunnen worden met het bewustzijn
  10. Uit de indrukken, die hierdoor onstaan, stroomt een gevoel van vrede
  11. De transformatie van het bewustzijn tot eenwording is te merken aan de gelijktijdige vermindering en opbloeien van aandacht voor alle objecten en eenpuntige concentratie
  12. Het bewustzijn ondergaat het effect van eenpuntige concentratie als dan opnieuw veranderingen in het heden optreden, die gelijkwaardig zijn aan die uit het verleden
  13. Bij deze zijn de effecten en hun veranderingen beschreven ten aanzien van de essentiële versus tijdelijke kwaliteiten van zowel materie als perceptie door de zintuigen
  14. De essentie van iets is dat wat blijft bestaan ongeacht het passeren van de tijd
  15. Iets is een oorzaak als door een verschil in volgorde een verschil in effect ontstaat
  16. Kennis over het effect van verleden naar toekomst wordt beperkt door deze drie
  17. Als het woord, haar betekenis en de invulling door elkaar gaan lopen vormt dit een mengsel. De kennis van deze taalelementen kan enkel door de juiste beperking weer onderscheiden worden
  18. Uit directe observaties ontstaat kennis over de erfenis van vroegere levens
  19. Kennis van een ander bewustzijn gaat via de gedachtes
  20. Wat hier en nu niet is en wat door dat niet ondersteund wordt, kan hier en nu niet gekend worden
  21. Onzichtbaarheid ontstaat als het zicht en het licht niet samen gaan. Door perfecte beheersing over de lichaamsvorm vertraagt deze het waarneembare vermogen ervan zodat feitelijk onzichtbaarheid verkregen wordt
  22. Zoals hiervoor uitgelegd geldt dit ook voor geluid en andere zintuigen
  23. Uit karma, dat manifest of latent aanwezig is kan door perfecte beheersing van de yoga kennis over de grens van de dood verkregen worden of kunnen signalen begrepen worden
  24. Door vriendschappelijk etc. te zijn ontwikkelt men tevens deze energieën
  25. Door perfecte beheersing kan een met de kracht van de olifant overeenstemmende kracht ontwikkeld worden
  26. Door zijn perfecte beheersing kan de yogi met een andere blik kijken naar de golven in het bewustzijn, waardoor hij in de gelegenheid komt subtiele, anders verborgen of diepgaande kennis te verkrijgen
  27. Door met perfecte beheersing naar de zon te kijken, krijgt men kennis van de wereld
  28. Door de maan en het sterrenstysteem te bestuderen verkrijgt men kennis
  29. Evenzeer verkrijgt men kennis door zich te richten op de poolster en vandaar de koers van de hemellichamen te aanschouwen
  30. Kennis over de ordening van het lichaam wordt verkregen door zich te richten op het energiecentrum van de navel
  31. Wie goed let op de holte van de keel, zal in staat zijn zijn honger en dorst te beheersen
  32. Stabilisatie verkrijgt men door zich met perfecte beheersing te richten op het schildpad-kanaal
  33. Het perspectief van een halfgod ontstaat als men het licht van de kruin perfect beheerst
  34. Of de yogi kan over alles via intuïtie kennis verkrijgen
  35. Perfect inzicht over het bewustzijn kan via het hart verkregen worden
  36. Wat in de ervaring een niet te onderscheiden gedachte is kan door perfecte beheersing van zichzelf onderscheiden gaan worden. Hierdoor verkrijgt de yogi kennis over zijn eigen gewaarzijn en is in staat het absolute verschil te zin in de puurheid van dat wat is ten opzichte van de eigen waarneming
  37. Door dit inzicht zullen alle zintuigen sterk verbeteren
  38. Als zij zich manifesteren zijn dit bovennatuurlijke krachten, voor het bereiken van eenwording een obstakel
  39. Door de verzwakking van de oorzaak van het binden en compleet begrijpen van de stroom van het bewustzijn is het mogelijk de geest van een ander lichaam binnen te dringen
  40. De yogi kan boven de wereld van water, modder en doornen etc. uitstijgen door meesterschap te verkrijgen over de opwaartse energie
  41. Bij het verkrijgen van meesterschap over de spijsverteringsenergie verkrijgt het lichaam van de yogi schittering
  42. Door vanuit perfecte zelfbeheersing zich te concentreren op de relatie tussen het gehoor en de ruimte ontwikkelt de yogi een bovennatuurlijk gehoor
  43. Door vanuit perfecte zelfbeheersing zich te concentreren op de relatie tussen het lichaam en de ruimte ontwikkelt de yogi het vermogen licht te worden als katoen en derhalve door de lucht te vliegen
  44. Als men zich in de grote lichaamloze toestand (= bestaan na de dood) bevindt, zijn alle uiterlijkheden weggevallen en verwijdert het licht de mentale duisternis
  45. Door middel van perfecte zelfbeheersing zich te concentreren op het grofstoffelijke, de eigen vorm, het innerlijk, relaties en de doelstellingen van de elementen verkrijgt de yogi meesterschap over de elementen
  46. Wanneer de yogi er dan in slaagt om de manifestatie van de perfectie van zijn lichaam te minimaliseren, dan keert het lichaam terug tot zijn essentie en is het zonder verstoringen
  47. Het lichaam van de yogi perfectioneert zich tot een gracieuze, krachtige vorm en verkrijgt een diamantachtige hardheid
  48. Als de waarneming onder perfecte zelfbeheersing plaatsvindt, toont het de essentiele natuur, de ikben-heid, de gevolgtrekkingen en objectiviteit, waarmee het meesterschap over de zintuigen is verkregen
  49. Dan verkrijgt de yogi met zijn snelheid van de geest in de staat voorbij de organen van waarneming meesterschap over zijn natuur
  50. Wie het kenvermogen heeft het onderscheid te weten tussen de puurheid en het pure gewaarzijn heerst over alle bewustzijnsstaten en heeft alle kennis
  51. Als zelfs de interesse in deze suprematie wordt losgelaten, verzwakken eveneens de zaden van imperfectie, waardoor bevrijding aanstaande is
  52. Als de hemelse wezens contact zoeken, kan dit door verwondering een band scheppen. Daarom moet de yogi afzien van reactie, omdat anders opnieuw een verbinding met ongewenste effecten aangegaan wordt
    (met dit laatste wordt een nieuwe geboorte cq. leven bedoeld.)
  53. Door perfecte zelfbeheersing krijgt de yogi kennis van het moment en de stroom, die als gevolg daarvan onderscheiden kan worden
  54. Soorten kenmerken van een plaats kunnen dan op vergelijkbare wijze in de ruimte onderscheiden en begrepen worden
  55. En aldus heeft de yogi een algemeen geldend kenvermogen ontwikkeld, waardoor hij de objecten kan kennen, ongeacht de omstandigheden waaronder zij ervaren worden en ongeacht de volgordelijkheid waarin zij verschijnen
  56. Bevrijding is daar als dat wat gezien wordt zuiver gelijk is aan dat wat is.

Hoofdstuk IV: Vrijheid

  1. De bovennatuurlijke krachten worden verkregen of door kruiden, mantra's, gestrengheid of door eenwording
  2. Een andersoortige transformatie tot deze kwaliteiten komt voort uit het overvloedig aanwezig zijn van natuurlijke intelligentie
  3. Een aanleiding uit de natuur veroorzaakt niets, maar obstakels kunnen daarmee verwijderd worden, zoals een boer zou doen
  4. Enkel vanuit het ik-zijn worden de verschillende bewustzijnen geschapen
  5. De ene geest kan als deze zeer veel gebruikt wordt door verschillende overwegingen verdeeld raken in ontelbare delen
  6. Als de geest in de meditatie is, wordt geen spoor nagelaten
  7. Waar een handeling van een yogi zonder gevolgen is, dus zonder moeten te creëren en belonend noch straffend, daar kan een handeling voor anderen drievoudig - dat is moeten creërend, belonend en straffend - zijn
  8. Daarom dat deze moeten gedurende het leven zich manifesteren als predisposities
  9. Daar herinneringen en moeten in essentie dezelfde vorm hebben, overstijgen zij de opeenvolgende scheidingen op basis van geboorte, plaats en tijd
  10. Deze herinneringen en moeten zullen eeuwig zijn, daar zij zelf hun eerste oorzaak zijn en als zegeningen ervaren worden
  11. Een moet is opgebouwd uit een oorzaak, een gevolg, een onderbouwing en bewijzen. Als ergens de verbondenheid van deze vier elementen ophoudt te bestaan, dan bestaat de hele moet niet meer
  12. Zowel van verleden als van de toekomst bestaat een ware vorm. Onderlinge verschillen ontstaan door verschil in eigenschappen
  13. Zij – verleden en toekomst – drukken zich op de verschillende verschijningsniveaus uit via de natuurlijke karakteristieken van het essentiele zelf
  14. De uniciteit van hun effect komt door de bepaaldheid van het object zelf
  15. Het onderscheid tussen reacties op hetzelfde object vindt zijn grond in een verschil in gewaarzijn van deze twee (verleden en toekomst)
  16. Wat zou er gebeuren als een object in zijn bestaan afhankelijk zou zijn van waargenomen worden en dan niet waargenomen wordt?
  17. Of een object goed dan wel foutief beoordeeld wordt, is een gevolg van de kleuring en de verwachtingen van het bewustzijn
  18. Door de onveranderbaarheid van het pure gewaarzijn is dit eerste altijd superieur aan het veranderlijke gewaarzijn en kent het de wegen van dit laatste
  19. Dit laatste is niet in staat om zichzelf te zien in zijn eigen licht
  20. Het kan zich niet op beide (= de waarneming en de zelfobservatie) tezelfdertijd concentreren
  21. Dat het bewustzijn door een ander bewustzijn gezien zou worden impliceert dat elke waarneming door een andere waarneming gekend zou worden. Dat veroorzaakt een oneindige regressie en zou van elke herinnering een mengsel maken
  22. Als de geest verandert van vorm en verandert in een onbeweeglijk en puur gewaarzijn, dan krijgt deze de gevoeligheid om zichzelf te kennen
  23. Alle betekenissen worden gevormd door de kleuring van het subject en het object door het bewustzijn
  24. Hoe gevariëerd de ontelbare predisposities ook moge zijn, de geest heeft een ander doel, namelijk de connectie leggen met de veroorzaker (= ware zelf)
  25. Volledige verstilling ontstaat als hij die ziet het onderscheid weet te maken tussen het doel van de ware ziel en de realisatie ervan
  26. Als de geest zich dan verdiept in voornoemd onderscheid, wordt het door de lading van deze ontdekking richting bevrijding getrokken
  27. Deze bevrijding wordt onderbroken door moeten, waarna andere gedachten de ruimte krijgen
  28. Deze gedachten moeten op vergelijkbare wijze stopgezet worden zoals beschreven bij het lijden
  29. Uit het onderscheidingsvermogen ontstaan steeds diepe inzichten. Als zelfs deze wegens gebrek aan interesse losgelaten worden ontstaat een vorm van eenwording, die de wolk van kwaliteiten genoemd wordt
  30. Op dat moment houdt het lijden en het handelen met gevolgen volkomen op
  31. Dan vallen tesamen met alle sluiers de onreinheden weg, wordt het weten grenzeloos en blijkt het ervaringsgewijze weten triviaal
  32. Daardoor wordt het doel van de transformatie bereikt en eindigt de stroom van de materie
  33. Als vervolgens de transformatie eindigt, wordt waarneembaar dat de afzonderlijke momenten samengaan in een continue stroom
  34. Bevrijding is de overwinning op de kwaliteiten van de materie en het ontbreken van het doel van het mens-zijn. Nu kan de eigen vorm of de kracht van het absolute weten pas verschijnen EINDE.