Stirner, nihilisme en het wiel van karma

Max Stirner en het ethisch nihilisme

Nihilisme is het zinloos zijn van de wereld. Er zijn verschillende vormen van nihilisme. Stirners naam is prominent verbonden met het ethisch nihilisme. Niet slecht voor een auteur, die de naam heeft vergeten te zijn. Ethisch nihilisme heeft verschillende definities. Eén ervan is bijvoorbeeld dat een handeling moreel noch immoreel is. Een andere waarin gesteld wordt dat ethische termen zoals 'goed' en 'kwaad' geen intrinsieke betekenis hebben. Of het kan betekenen dat het bestaan van universele normen en waarden ontkend wordt en dat het niet meer is dan sociale druk.
Zoals Stirner schrijft over ethiek keren alledrie deze definities terug. Een voorbeeld bij de eerste definitie: Handelen we willekeurig als we de heilige onderwerpen zus of zo opvatten, hoe zouden we het dan de priestergeesten kwalijk kunnen nemen wanneer zij het ons even willekeurig op hun manier kwalijk nemen en ons het kettervuur of een andere straf bv. de - censuur waardig achten? (blz. 234, cursivering van Stirner).
Een voorbeeld waarin aangetoond dat categorieën als goed en kwaad onlogisch zijn: Natuurlijk valt je dadelijk te binnen dat jouw roeping vereist om het “goede”, het juiste, het zedelijke te doen. Hoe kan nu, wanneer jij jezelf afvraagt wat jij moet doen, de juiste stem uit jou opschallen, de stem die jou de weg van het goede, juiste, ware, enz. toont? (blz. 119). Sociale druk benoemt hij kernachtig in de zin 'Dan heet met betrekking tot de wil: ik wil, wat ik moet.' (blz. 227, cursivering van Stirner). En toch vind ik hem geen ethisch nihilist, allesbehalve zelfs.

Dat vind ik in zijn filosofie maar de helft van het verhaal. Wat hij zegt, is dat hij in een samenleving zit, waarin 'goed' en 'slecht' voor hem bepaald zijn en dat hij het daar niet mee eens is. Hij wil het zelf bepalen. Hij wil niet onderworpen zijn aan vreemd recht, enkel aan zijn eigen recht. Hij wil zelf bepalen wat er voor hem in de wereld geldt. Het is zijn leven en hij is niet van zin zijn leven af te laten nemen door anderen. Hij wil zijn eigen leven voluit leven ongehinderd door benauwenissen aan hem opgelegd door zijn omgeving. Hij is een egoïst en dat is mijn inziens per definitie iemand die het maximale voor zichzelf wil. Hij is geen nihilist, verre van dat, hij is een maximalist. Een citaat ter illustratie:
Ik neem in dank af, wat eeuwen beschaving mij heeft verschaft; niets daarvan wil ik weggooien en opgeven; ik heb niet voor niets geleefd. De ervaring dat ik macht over mijn natuur heb en niet de slaaf van mijn begeerten hoef te zijn, zal voor mijzelf niet verloren gaan; de ervaring dat ik door beschavingsmiddelen de wereld kan bedwingen, is te duur gekocht dan dat ik haar zou kunnen vergeten. Maar ik wil nog meer. (blz. 232, cursivering van Stirner)
Om zijn filosofie vervolgens te beperken tot het ethisch nihilisme is vrij zuur. Hij komt juist in opstand tegen de vernieting van zijn 'ik'. Stirner is een egoïstisch maximalist. Zijn Niets is een heel ander niets dan het nihilisme. Nietzsche heeft het nihilisme gekenschetst als het ontbreken van elk antwoord op de vraag 'Waartoe?', en het antwoord van Stirner zou ten alle tijden luiden: IK!
Het Niets van Stirner is zijn uitdrukking van totale vergankelijkheid en het verteren van het leven. Het leven is ervoor om opgebrand te worden, dat is om alles wat in bereik komt, te verbruiken. Het 'Niets' van Stirner is symbolisch bedoeld om zich af te zetten tegen alles wat niet intrinsiek uit het 'IK' voortkomt. Een drietal betekenissen komen in zijn begrip van het Niets samen. De eerste niets is dat het 'ik' niets is voor de maatschappij, niets betekent voor de egoïstische ander. Zie bijvoorbeeld
'Wat betekent nu dat wij allemaal “de gelijkheid in politieke rechten” genieten? Alleen dit: dat de staat geen rekening met mijn persoon houdt, dat ik voor hem net als elk ander alleen maar een mens ben zonder een andere hem imponerende betekenis te hebben (blz. 78).
De tweede dat alles wat uit de maatschappij komt met goed en slecht, met recht en wet, met norm en waarden niets betekent voor het 'ik'. Ten derde dat het 'ik' vooraf gaat aan elk woord en elk denken, dat het daarmee buiten het zeg- en denkbare valt. In woorden uitgedrukt: het is niets. Maar daarmee is hij nog geen nihilist. Hij is er niet in geïnteresseerd. Hij wijst niets af, want hij heeft niets af te wijzen. Dan zou hij het belangrijk maken, terwijl het dat niet voor hem is. 'Alleen, waarom zou ik alleen maar anders over een zaak denken, waarom niet het andersdenken tot de spits drijven, namelijk tot het helemaal niets meer van de zaak denken, dus haar niets te denken, haar te verpletteren? Dan komt de opvatting vanzelf aan zijn eind omdat er niets meer op te vatten is. blz. 235, cursivering van Stirner.
Juist het feit dat het belangrijk gemaakt is, maakt het zo schadelijk voor de zelfbeschikking van het 'ik'. Hij wijst alles af waardoor de zelfbeschikking van het zelf verminderd wordt. Dat stelt hij op Niets, maar de zelfbeschikking is hem alles.

Door hem in de schoenen te schuiven dat zijn filosofie een toonbeeld van nihilisme is, beweer je impliciet dat zijn aandacht voor de zelfbeschikking van het IK niets voorstelt. Het feit dat hij het niet eens is met de voorschriften van de maatschappij, dat zou hem tot een zuivere nihilist maken. Hij schrijft over zijn egoïsme, zijn levensgenot, zijn zelfbeschikking. Dat allemaal wordt op Niets gesteld, want echt belangrijk aan zijn filosofie is pas dat hij de maatschappij afwijst. Wat hij zegt over zijn eigen leven doet dan niet meer ter zake. Au.

Max Stirner en het wiel van karma.

Alhoewel Stirner er zich totaal niet over heeft uitgelaten, is er wel een opmerkelijke overeenkomst tussen deze twee visies. Tegelijkertijd kan het verschil niet groter zijn. Max Stirner zegt het heel onomwonden: het leven moet gebruikt worden. Het wiel van karma stelt dat de ziel vele levens zal moeten leven. In concreto betekent dit dat elk individueel leven ten dienste staat aan de ziel. Dezelfde conclusie: het leven moet gebruikt worden.
Het verschil kan tegelijkertijd niet groter zijn. In het wereldbeeld van Stirner is er niets anders dan het vergankelijke leven en dient het leven ten behoeve van het vergankelijke ik verteerd te worden. In het wiel van karma wordt nagestreefd dat elk atman de lessen leert van elk leven en dient het leven niet verteerd edoch verzaakt te worden. Blijft overeind dat in beide gevallen het leven ten dienste staat aan een hoger doel: ik. Zowel Stirner als het wiel van karma zullen protesteren tegen de bewering dat het ik een hoger doel is. Wederom vanuit totaal tegenovergestelde redenen. Stirner omdat hij niets hogers dan 'ik' erkent en er voor hem derhalve geen hiërarchie kan zijn. Het wiel van karma omdat het ik als een illusie gezien wordt.

Uiteraard wordt vanuit het hindoeïsme en boeddhisme nu geglimlacht, want ik heb nog niet begrepen dat atman behoort tot de Ene en daarmee zo anders is dan het ik. Dat klopt. Ik begrijp het niet. Als het wiel van karma rond kan blijven draaien voor een individueel deel, dan kan ik niet begrijpen waarom ik daar de term 'ik' niet voor kan gebruiken. Aan het kleine stukje atman is een specifiek wiel van karma verbonden is en dat karma maakt dat dat stukje atman een specifiek individueel proces door moet lopen. Zo'n eenheid noem ik een individu in de meest begrensde definitie die er is. Dat het 'ik' niet samenvalt met het menselijke ik, dat begrijp ik wel, maar dat maakt het voor mij niet minder 'ik'. Als dat geen ik is, wat dan wel?

Ik zou nog kunnen zeggen dat mijn lichaam – basis van het vergankelijke ik van Stirner – onlosmakelijk verbonden is met de aarde. Uiteraard kunnen we ons met een ruimteschip losmaken van de aarde, maar zelfs dan blijven we verbonden met de aarde (ook het ruimteschip bestaat volledig uit materiaal van deze zelfde aarde) net zolang totdat we landen op een nieuwe aarde en vanaf die aarde voedsel tot ons nemen. Zoals het lichaam onlosmakelijk verbonden is met de aarde, zo is de enkele ziel onlosmakelijk verbonden met de hele ziel. In beide gevallen kan je spreken van een ik dat tijdelijk is, want zoals het lichaam zich uiteindelijk weer overgeeft aan de rest van de aarde, zo streeft atman ernaar weer onverbrekelijk deel te worden van de hele ziel.
Het grootste verschil tussen Stirner en het wiel van Karma is de visie op het ik. Waar Stirner het leven als strijd ziet en het ik enkel een eigenbelang kent, daar laat het wiel van Karma een steeds wijzer en gelukkiger wordende atman zien, die steeds meer aanvaardt wat haar gegeven wordt. Waar Stirners ik steeds gewelddadiger wordt en na een keer ophoudt te bestaan, daar krijgt het ik van het atman steeds weer opnieuw de kans opener, liefdevoller en realistischer te worden. Hoe ouder, hoe gelukkiger.